Het burgerinitiatief Federatie Gebruikers Broekpolder
De Broekpolder ligt aan de noordwestkant van Vlaardingen. De polder beslaat ruim 25% van het Vlaardingse grondgebied. De Broekpolder is eeuwen oud en kent een lange geschiedenis. Archeologische opgravingen duiden erop dat vanaf de zevende eeuw voor Christus het gebied bewoond moet zijn geweest. Met name langs de kreken en op oeverwallen moeten de eerste boeren zich toen hebben gehuisvest.
De naam 'Broekpolder' ontstond waarschijnlijk in de Middeleeuwen. Het woord 'Broeken' (brouck) slaat op het moerassige en drassige veengebied. De Broekpolder werd langzaam in cultuur gebracht, geschikt gemaakt voor gebruik door de mens. Een typisch oer-Hollands veen- en weidelandschap met dijkjes, molens en boerderijen begon te ontstaan.
Na de Tweede Wereldoorlog zou het gebied ingrijpend veranderen. Het poldergebied zou omgetoverd moeten worden in een woonwijk. Tussen de jaren 1958 en 1975 werd een metersdikke laag Rotterdams havenslib opgespoten . Het opspuiten had een tweeledig doel. Rotterdam wilde van het slib af en voor Vlaardingen betekende het gratis ophoging van het gebied om woningbouw in de toekomst mogelijk te maken. Voorafgaande en tijdens de periode van opspuiten verdwenen eeuwenoude schilderachtige en monumentale boerderijen, de al eeuwen bestaande eendenkooi en de stenen Vlietmolen 'Nooitgedagt' uit het landschap.
In 1976 bleek die Rotterdamse baggerspecie zwaar verontreinigd te zijn. Dat deed veel stof opwaaien. Wat nu? Aan plannen en ideeën heeft het sindsdien niet ontbroken. De meeste ideeën sneuvelden. De strijd spitste zich grotendeels toe op de vraag of er huizen moesten komen of dat de natuur er de overhand mocht krijgen. (1)
Elkaar afwisselende gemeentebesturen en andere overheden konden het om uiteenlopende redenen nooit eens worden over 'bouwen' of 'overlaten aan de natuur'. Een onvoorziene, maar voor velen welkome omstandigheid van buitenaf (namelijk dat de Broekpolder in het RR 2020 tot zoeklocatie voor woningen werd bestempeld) vormde de aanleiding tot een uitgebreide lobby voor het behoud van het groen door een aantal politieke partijen. Gelijktijdig kwamen de Programmaraad Gebruikers Broekpolder (waarover verderop meer) en andere individuele burgers in actie tijdens verschillende inspraakbijeenkomsten. Een gelukkig samentreffen van krachten uit verschillende richtingen met hetzelfde doel voor ogen. Succesvolle acties, zowel lokaal als op het niveau van de Regio Rotterdam en de Provincie. In 2006 besloot de gemeenteraad van Vlaardingen dat de Broekpolder groen moest blijven. Van de bestuurders in de Regio en de Provincie kreeg Vlaardingen de opdracht mee ervoor te zorgen dat de kwaliteit van het groen en de recreatiewaarde aanzienlijk moest worden verbeterd. Die opdracht kwam als geroepen voor de Programmaraad Gebruikers Broekpolder, zoals hierna zal blijken.
(1) Bovenstaande informatie over de geschiedenis van de Broekpolder is ontleend aan het boek "Bomengroei of Huizenbouw - 50 jaar bestuurlijk geploeter rond de Broekpolder" van de hand van dr Toby Witte, een uitgave van de Historische Vereniging Vlaardingen, 1998. ISBN 09-71731-18-9
Vlaardingen, 18 maart 2010, Yvonne Batenburg
Van geslaagd burgerinitiatief naar een uniek bestuurlijk experiment
Het burgerinitiatief Stichting Federatie Broekpolder is een bestuurlijk experiment: burgers in Vlaardingen nemen het voortouw bij het genereren van ideeën, maatschappelijke energie, projecten, beheer en duurzame ontwikkeling van de Broekpolder. In een convenant tussen Gemeente en de Federatie (getekend op 22 januari 2008) zijn de rechten en plichten, taken en bevoegdheden van beide partijen vastgelegd op verschillende niveaus van burgerparticipatie.
Ontstaan
De Stichting Federatie Broekpolder is op 5 oktober 2006 opgericht door een groep burgers met een grote betrokkenheid bij de cultuur- en natuurwaarde van de Broekpolder. De Federatie is daarmee de opvolger van de Programmaraad Gebruikers Broekpolder. Deze Programmaraad was gestart in 2003 door enkele bestuursleden van het toenmalige recreatiecomplex Vijfsluizen i.s.m. de wethouder die voor de Broekpolder verantwoordelijk was. Het doel van de Programmaraad was om vanuit het perspectief van de vele soorten gebruikers een plan te maken voor de groene en recreatieve inrichting en het gebruik van de Broekpolder. Het idee was dat door zo’n gebiedsontwikkeling het naar de Broekpolder 'te verhuizen' sportcomplex Vijfsluizen een omgeving kreeg die goed was voor het complex én dat het nieuwe complex een impuls zou worden voor de ontwikkeling van het gebied. Dit plan is opgesteld in 2004 als burgernota waarna, ook in 2004, het college heeft "ingesproken" tijdens een ontbijtsessie van de Programmaraad met college en ambtenaren. Dat wil zeggen dat burgers het college hebben uitgenodigd iets te vinden van een door de burgers opgestelde visie.
Doel Federatie
Het doel was en is de ontwikkeling van de Broekpolder tot een hoogwaardig natuur- en recreatiegebied met een regionale uitstraling, actief gedragen door een breed palet van burgersturing. Zoiets kan niet zonder steun van het democratisch gekozen stadsbestuur.
De mensen van het eerste uur hebben zich dan ook tot de gemeenteraad gewend en een voorstel ingediend om te komen tot een resultaat gerichte samenwerking. De gemeenteraad van Vlaardingen heeft vervolgens de politieke en bestuurlijke moed gehad om dit voorstel als ‘burgerinitiatief’ op de agenda te zetten en te honoreren.
De burgers (de leden van de Federatie), het college van B&W en de gemeenteraad werken samen in een driehoeksverhouding, waarin iedere partij eigen rechten, plichten, taken en bevoegdheden heeft. Deze vorm van samenwerken is vastgelegd in een convenant. Gezien de vergaande bevoegdheden die aan de Federatie zijn toevertrouwd en de politieke, bestuurlijke en ambtelijke steun is het een uniek bestuurlijk experiment (voor overheid en burgers), dat verder in Nederland in deze vorm nog nergens is toegepast Dit door te zoeken en te overleggen uitgevonden model heet het Vlaardingse model (zie "Het Vlaardingse model: Gezamenlijk overbruggen van de kloof tussen burger en bestuur", Tjerk Bruinsma en Fred Meerhof, in "Krachtenfusie in de inrichting van Nederland", A. de Rooij (red), Veen magazines, 2006). Het "Vlaardings Model" als bestuurlijk experiment trekt ook landelijk de aandacht en is onderwerp van wetenschappelijk onderzoek. Interessant is hoe de verschillende partijen/actoren van de gevestigde instituten zoals politici, collegeleden en ambtelijke organisatie omgaan met deze nieuwe democratische benadering, wat dit betekent voor hun eigen rol en wat succes- en faalfactoren zijn. Zie "Burgerinitiatief Vlaardingen en de veerkracht van instituties" in "Bestuurskunde", Jaargang 18, nummer 1, 2009.
Structuur
De Federatie heeft een open instelling naar zowel burgers als bedrijven en instellingen. De inbreng vanuit de samenleving wordt verzameld in een aantal zogenaamde ‘kamers’, waarin burgers zitting hebben die zich met een specifiek inhoudelijk onderdeel van de toekomstige Broekpolder bezig houden. Het bestuur van de federatie verbindt de kamers en het gemeentebestuur/externe partijen die voor financiële dekking van de projecten zorgen. Door het inzetten van externe experts op diverse gebieden zorgt de federatie in samenspraak met de gemeente voor een onafhankelijke en optimale ontwikkeling van de verschillende projecten en de realisering van het integraal inrichtingsplan.
Pad naar succes
Eind 2005 hebben de initiatiefnemers de oorspronkelijke informele burgernota in samenspraak met een werkgroep uit de gemeenteraad omgevormd tot een formeel document, waarin het bestuurlijke experiment Federatie Broekpolder is beschreven. Tevens is het verzoek aan de raad gedaan om het voorstel voor het aangaan van dit bestuurlijke experiment als burgerinitiatief op de raadsagenda te plaatsen. In de vergadering van de gemeenteraad in januari 2006 heeft de raad het voorstel besproken en het college opdracht gegeven samen met de Federatie het burgerinitiatief vorm te geven. Aldus is geschied. Na een lange periode van intensief overleg tussen Federatie en de gemeente over praktische en juridische aspecten van het bestuurlijk experiment is een convenant vastgesteld. De ondertekening van het convenant op 22 januari 2008 door college en Federatie is de ultieme erkenning van dit burgerinitiatief als democratisch bestuurlijk experiment door de Vlaardingse gemeenteraad.
Gedurende de periode waarin formele zaken moesten worden geregeld zijn de contacten met de belanghebbenden en gebruikers van de Broekpolder onverminderd voortgegaan. Samen met de kamers en partners in het gebied heeft het bestuur van de inmiddels opgerichte Stichting Federatie Broekpolder in 2008 een conceptvisie opgesteld voor de toekomst van de Broekpolder, gebaseerd op een zonering waarin drie zones in de polder werden onderscheiden: zuid (sport en recreatie, midden (natuur en recreatie) en noord (natuur en extensieve recreatie). Gericht door de reacties van de geraadpleegde raadsfracties zijn zeven "voorrangsprojecten" benoemd die tussen 2008 en 2011 uitgevoerd worden en die direct bijdragen aan een nieuwe beleving van de Broekpolder als hoogwaardig natuur- en recreatiegebied. Dit visiedocument is conform de plaatselijke inspraakverordening, echter niet door de gemeente, maar door de Federatie ter inspraak voorgelegd aan de Vlaardingse burgers. Na de inspraakperiode is hiervan door de Federatie een inspraakrapport opgesteld dat vervolgens door B&W en de Raad is vastgesteld. Hiermee is de toekomstvisie formeel vastgesteld. Deze toekomstvisie, de zonering en de voorrangsprojecten zijn in opdracht van de federatie door een landschapsarchitect bijeengebracht in het Integraal Inrichtingsplan Broekpolder (IIB), waarna de Federatie in samenwerking met de gemeente met de uitvoering van alle projecten is begonnen.
In de praktijk
Het bestuurlijk experiment wijst uit dat deze manier van burgerparticipatie werkt. Vanuit de betrokkenheid van burgers is een ontwikkeling op gang gekomen die veel maatschappelijke energie heeft gecreëerd en gericht, leidend tot onomkeerbare stappen in de ontwikkeling van de groene en recreatieve Broekpolder.
Federatie en het College maken samen deel uit van het besluitvormingstraject als het gaat om de voorrangsprojecten en deelprojecten uit het door de gemeenteraad vastgestelde Visiedocument en het daaruitvolgende Integraal Inrichtingsplan Broekpolder.
De gemeente stelt jaarlijks procesgeld ter beschikking aan de Federatie. De financiering van de ontwikkeling van de projecten zelf wordt per project geregeld . De federatie spant zich in om gelden van derden te verwerven en doet dit waar nodig in samenwerking met de gemeente. Naast de middelen uit de gemeente, komen er gelden beschikbaar van derden:
- het rijk
- de provincie Zuid-Holland
- diverse stimuleringsfondsen
- diverse (natuur-)compensatiefondsen
Met de burgers als belangrijkste pijler onder het experiment heeft de federatie een plicht om haar achterban te betrekken, te informeren en te raadplegen. Als burgerinitiatief draagt de Federatie zorg voor het onderhouden van de contacten met burgers en met gebruikers van de Broekpolder in de vorm van:
- raadplegen
- voorlichten
- organiseren van activiteiten
De goede samenwerking met de gemeentelijke overheid , het frequente inhoudelijk overleg en de korte communicatielijnen met de gemeentelijke organisatie en het bestuur dragen bij aan het succes van het experiment. Er is:
- maandelijks overleg met de projectgroep Broekpolder, waarin gemeente en leden van de federatie zitting hebben
- regelmatig overleg met de verschillende gemeentelijke projectteams over de specifieke voorrangsprojecten
- directe en frequente communicatie tussen de federatie en het College van B&W over de voortgang
- twee maal per jaar een informatieavond over de voortgang voor de Gemeenteraad
Met de ontwikkeling van de Broekpolder vanuit een burgerinitiatief in de vorm van een bestuurlijk experiment loopt Vlaardingen voorop in de betrokkenheid van burgers bij de vormgeving van hun eigen leefomgeving en die van de toekomstige generaties. Het experiment is weliswaar nog niet afgerond, dat kan ook niet, maar wij durven te zeggen dat we tot dusver vele succesvolle stappen hebben kunnen zetten. We zijn vastbesloten om samen met de betrokken burgers, de politiek en de gemeentelijke organisatie op deze weg door te gaan.